Van boerderij naar beweging: Schevichoven en Groen Groeit Mee

Laatst bijgewerkt:

In de vijfde aflevering van Groen Groeit Mee | De Podcast gaat Harry Boeschoten op bezoek bij boerderij Schevichoven in Leersum. Daar spreekt hij Maarten van Dam, die werkt aan een landbouwsysteem dat goed is voor bodem en biodiversiteit en tegelijk financieel houdbaar is. In de podcast vertelt Maarten over de haalbaarheid van ‘goed boeren’, hoe Schevichoven als praktijkvoorbeeld dient en welke kansen Groen Groeit Mee biedt om deze werkwijze te verbinden met andere partners in de regio.

Dit artikel is een weergave van het gesprek tussen Harry Boeschoten en Maarten van Dam uit april 2026. Wil je de podcast liever luisteren of kijken? Dat kan via Spotify, Apple Podcasts en YouTube

Maarten van Dam aan tafel voor Groen Groeit Mee De Podcast

“We noemen Schevichoven een regeneratieve permacultuurboerderij”, vertelt Maarten bij de start van het gesprek, al is die definitie voor hem niet het belangrijkste. “Of je het nou regeneratief, biologisch, biologisch-dynamisch, groen of impactvol noemt: het gaat erom dat we een systeem ontwikkelen dat volhoudbaar is. Een systeem dat goed is voor het bodemleven en ook financieel werkt.”

En dat is precies wat Maarten laat zien op boerderij Schevichoven. Op de oude landbouwgrond aan de rand van de Heuvelrug ontwikkelt het team stap voor stap een teeltsysteem dat past bij de plek en de omgeving. “We hebben de grond geanalyseerd waarop we zitten, en die blijkt heel geschikt voor meerjarige gewassen.” Daarom kiest Schevichoven voor vaste kruiden zoals salie en rozemarijn, vaste groenten zoals rabarber en artisjok, verschillende soorten bessen, fruit en ook een aantal noten. Tegelijk benadrukt Maarten dat dit “slechts één van de vele systemen” is. Wat op deze zanderige grond goed werkt, hoeft elders niet de beste oplossing te zijn.

Goed boeren vraagt ook om financiële continuïteit

Op de vraag van Harry of Maarten zichzelf ziet als een idealist, antwoordt hij ontkennend. “Ik ben meer een enorme realist met een groot ideaal. Ik wil aantonen dat goed boeren, zonder gif en met respect voor bodemgezondheid en biodiversiteit, hand in hand gaat met goede financiële opbrengsten.” Zo wil hij andere boeren die ook deze omslag willen maken een haalbaar perspectief bieden. Want, zegt hij: “Boeren krijgen nu vaak te horen dat ze moeten veranderen, terwijl lang niet altijd duidelijk is welke kant op, of het lukt en of het werkt.” 

Naast boerderij Schevichoven is Maarten betrokken bij PYMWYMIC (Put Your Money Where Your Mouth Is Community), die investeert in technieken als datagedreven landbouw, robotica en andere toepassingen die toekomstbestendig boeren ondersteunen. En natuurlijk is er ook Schevichoven Groeit!, die vanuit de geleerde lessen zoveel mogelijk boeren wil helpen in hun transitie naar regeneratieve landbouw. “Deze drie samen maken het wat ons betreft een realistisch verhaal dat kans van slagen heeft,” aldus Maarten.

Schevichoven Groeit! als partner van Groen Groeit Mee

Vanuit die ambitie is het logisch dat Schevichoven Groeit! zich op 5 november 2025 als pactpartner aansloot bij Groen Groeit Mee. “We moeten onderkennen dat huizenbouw, recreëren, natuur en agri elkaar nodig hebben,” vertelt Maarten. “Wij hebben daar vanuit het agrarische perspectief een rol, maar er zijn nog zoveel anderen die daarin een rol moeten spelen.” 

Als voorbeeld noemt Maarten de samenwerking met BPD, ook pactpartner van Groen Groeit Mee. “BPD richt zich van oorsprong op woningbouw, maar houdt zich ook steeds meer bezig met gebiedsontwikkeling in brede zin. Wanneer een gebied ook een agrarische functie heeft, kunnen wij helpen om die op een regeneratieve en toekomstbestendige manier in te vullen.” In het interview over De Tuinen van BPD lees je hoe deze samenwerking vorm krijgt. 

Jeroen Plesman en Carel Walhof poseren voor een kas
Jeroen Plesman van Schevichoven Groeit! (links) en Carel Walhof van BPD werken samen aan de Tuinen van BPD.

Om die verbinding te leggen en de vertaalslag naar de omgeving te maken, is een programma als Groen Groeit Mee volgens hem nodig. Wat Maarten betreft begint deze aanpak in de provincie Utrecht en kan die op termijn misschien ook landelijk betekenis krijgen.

Groen Groeit Mee als samenwerkend systeem

Volgens Maarten komt Groen Groeit Mee het best tot zijn recht als verschillende partijen hun eigen rol goed weten te pakken. In zijn beeld lijkt Groen Groeit Mee op een plantfamilie, waarin verschillende partijen elk een eigen functie hebben en elkaar kunnen versterken, bijvoorbeeld als het gaat om schalen en meer impact bereiken. “Groen Groeit Mee kan helpen om meer publieke bekendheid te creëren en meer mensen te activeren.” Daarbij gelooft hij in kleine zichtbare stappen: “Succes trekt succes aan. En enthousiasme trekt enthousiasme aan. Dus begin met het laaghangende fruit.”

Pactpartners als de ANWB en Wandelnet zijn daarbij heel belangrijk, zegt hij. Als zij hun bereik inzetten om mensen te attenderen op lokale buurtboerderijen, lokale voedselafzet of routes door het landschap, kan dat volgens hem de verbinding tussen landbouw, wonen en recreatie verder versterken. Andersom is het belangrijk dat mensen natuur, water en duurzame landbouw ook echt kunnen ervaren.

Dat brengt Harry terug op zijn eerdere vraag of Schevichoven straks via een wandelpad over het terrein te beleven is. Maarten is daar voorzichtig in, omdat het om een kwetsbaar systeem gaat. Tegelijk ziet hij wel ruimte voor een klein paadje, zeker als dat ontstaat vanuit samenwerking met partijen die daarin ervaring hebben. Zo wordt een bescheiden route over het erf voor hem een voorbeeld van hoe Groen Groeit Mee ideeën verder kan brengen.

Vraag aan Wandelnet

Die gedachte sluit mooi aan op Maartens vraag aan de volgende podcastgast: Ankie van Dijk van Wandelnet. Maarten is benieuwd hoe die organisatie omgaat met de zorgen van grondeigenaren als een wandelpad over hun terrein loopt. Dan krijg je te maken met onderhoud, veiligheid, toenemende drukte en loslopende honden. Daarmee eindigt het gesprek bij precies het soort vraagstuk waar Groen Groeit Mee voor bedoeld is: hoe verbind je toegankelijkheid, natuur, landbouw en wonen zo met elkaar dat het landschap er rijker van wordt en tegelijk houdbaar blijft voor de mensen die er leven en werken?